Van Hyden naar Hopetoun was het gelukkig niet zo ver, dus ik kon deze keer lekker rustig aan doen. En had ik ook tijd om een uitstapje te maken. Er zijn veel meren in dit gebied en het zijn hier meren waar ook daadwerkelijk water in zit. Dat is nl. in grote delen van Australië lang niet altijd het geval. Het water en de bodem bestaat voor een groot deel uit zout, want ooit was hier een zee. King Lake is daar een mooi voorbeeld van. Midden door het meer loopt en weg en halverwege kun je op een mooie plek even genieten van het uitzicht. Het is vooral mooi door de kleuren, blauwe lucht, blauw water, wit en rood zand, zout en groene struiken. Prachtig. De reden om naar Hopetoun te komen is het Fitzgerald River National Park. Ik ben het park nog niet in of het eerste uitkijkpunt dient zich al aan. Een mooi strand met zicht op de baai en de bergen erachter. Het tweede uitkijkpunt is adembenemend. Het is hetzelfde strand, maar dan van bovenaf. Geweldig. En zo komen er na bijna elke bocht de prachtigste vergezichten voorbij. Ik rij door naar de Hamersley Inlet. Daar houdt de weg op en kun je parkeren op een picknickplek. Vanaf dat punt kun je naar de inlet lopen. Het strand waar ik terecht kom, is ook weer prachtig. Ik loop er helemaal alleen en verbaas me erover dat hier verder niemand is. Het is zo mooi.
Hopetoun







Plaats een reactie