Zo bijna aan het einde van mijn roadtrip ben ik eindelijk in de gelegenheid om de Mont Saint Michel eens te bezoeken. Ooit heb ik het in de verte wel eens zien liggen, maar een daadwerkelijk bezoek is er nooit van gekomen.Het rotseiland op de grens tussen Bretagne en Normandië behoort tot de top 3 attracties van Frankrijk (samen met de Eiffeltoren en Versailles). Dat betekent zo’n 3-3,5 miljoen bezoekers per jaar! En dat op een eilandje dat niet groter is dan ongeveer 4 km2 met een handjevol inwoners (voornamelijk monniken in het klooster). Als je bedenkt dat de meeste toeristen er in de zomer zullen zijn, dan kun je je misschien wel voorstellen wat voor een mierenhoop zich door die ene nauwe straat zal bewegen. Maar gelukkig ben ik er in februari met ook nog eens niet heel geweldig weer dus ik hoef me niet in de mensenmassa te storten. Het eiland wordt gedomineerd door een gigantisch complex dat in de vroege middeleeuwen begon als een abdij waaraan later meerdere gebouwen zijn toegevoegd. De legende wil dat een monnik deze abdij wilde bouwen nadat hij een boodschap kreeg van de aartsengel Michael. Al snel wisten pelgrims de weg naar de abdij te vinden en het is nu nog steeds een belangrijk pelgrimsoord. Weliswaar met een onderbreking want voor, tijdens en na de Franse Revolutie was er een gevangenis gevestigd. Een soort Alcatraz dus, want in die tijd was het vrijwel onmogelijk om het vasteland te bereiken zonder boot. Ik heb heel erg genoten van de prachtige middeleeuwse architectuur. Door de steile rotsachtige ondergrond is alles op meerdere niveaus gebouwd, dus er zijn veel trappen en doorkijkjes. En hoeveel veel ook hier gerestaureerd is, ademt alles nog echt de sfeer van de tijd dat de monniken hier hun intrek namen. En er dus ook nog steeds wonen! Het enige wat ik jammer vind aan dit bezoek is dat het eb is en ik dus niet kan genieten van de rots, die uit het water oprijst. Het levert wel weer een mooi plaatje op van mensen die aan het “wad”lopen zijn.
Mont Saint-Michel







Plaats een reactie