Tour 1 – het noordwesten van Namibië

De start van deze reis belooft niet veel goeds. Een vluchtje van Amsterdam naar Londen duurt 3x langer dan normaal dus mis ik mijn vliegtuig naar Johannesburg. Het is een heel verhaal geworden maar kort gezegd ben ik op zijn minst “not amused” over British Airways want ze hebben me behoorlijk bezig gehouden met het omboeken van vluchten, zoeken naar bagage en ongedaan maken van een geannuleerde vlucht. Uiteindelijk kom ik dan toch nog op tijd in Windhoek, de hoofdstad van Namibië, aan. Op tijd voor mijn eerste van 3 geboekte tours die me zo ongeveer alle highlights van Namibië en een paar in Botswana en Zimbabwe zullen laten zien.

We vertrekken vanuit Windhoek en meteen de eerste dag is het al goed raak met de wilde dieren. We slaan onze tenten op in een reservaat: Africat. In dit reservaat worden luipaarden en cheetah’s opgevangen, die óf gewond gevonden zijn óf waarvan de moeder doodgeschoten is.

Onze kampeerplek is een juweeltje. Werkelijk in “the middle of nowhere” met zeer basic voorzieningen. Toilet en douche zijn aanwezig, maar er is geen deur. Als je naar de WC wilt hang je gewoon een touw over het bospad en dan moet iedereen maar weten dat het toilet bezet is. Als je dan eenmaal “zit” heb je het mooiste uitzicht dat je ooit op een WC hebt gehad kan ik je zeggen. We worden op een open bus geladen en rijden het reservaat in. Ik geniet van de tocht door de mooie natuur maar voel me wel wat onrustig worden wanneer we een groep van 5 cheetah’s zien en de gids de wagen doodleuk op zo’n 3 meter afstand van het groepje tot stilstand brengt. Eén sprong en ze zitten bij je op schoot! Maar natuurlijk doen ze dat niet en al met al is dit een hele mooie eerste ervaring.

De volgende 1,5 dag staan in het teken van Etosha National Park. Dit is een van de grootste (ca. 22.000m2) natuurreservaten in zuidelijk Afrika. Het park is een van de grootste publiekstrekkers en ik ben blij dat ik aan het begin van het hoogseizoen hier naar toe ben gekomen, want ik denk dat het over een paar weken overspoeld is met mensen. Nu hebben we nog de mogelijkheid om bij een waterpoel als enigen de aanwezige dieren te bewonderen. En bewonderen kunnen we. Want dit park wemelt letterlijk van de wilde dieren. In deze 1,5 dag hebben we al 4 dieren van de big five kunnen spotten: de leeuw, de giraf, de olifant en de neushoorn. De buffel ontbreekt nog, maar die komt in dit park niet voor. 

Na al dit dierengeweld is het mooi om ook andere kanten van het land te kunnen zien. De natuur is adembenemend. We rijden een week door het noorden en zien voortdurend veranderende landschappen, die wel één ding gemeen hebben: het is er gortdroog. Ook Namibië heeft te maken met de opwarming van de aarde en men maakt zich erg ongerust want dit jaar is er nog vrijwel geen regen gevallen.

Niet alleen de natuur is prachtig. Namibië is ook een land van eeuwenoude culturen. De eerste bewoners waren de Bosjesmannen, die hier al zo’n 20.000 jaar geleden rondliepen. We bezoeken een andere stam: de Himba’s. Zij leven vooral in het noorden en wij krijgen de gelegenheid om een inkijkje in hun leven te krijgen. Voor zover dit nog echt hun leven is natuurlijk, want de ervaring leert dat sommige zaken voor toeristen geënsceneerd worden. Wat we te zien krijgen ziet er wel echt uit en ik vind het mooi om te zien hoe deze mensen hun leven vorm weten te geven in deze veranderende tijden. De vrouwen zien er vooral authentiek uit: ze kleden zich nog traditioneel en smeren zich helemaal in met een mix van boter en oker, ook hun haren. En van deze ingevette haren maken ze dan prachtige kapsels. Ze hangen zich helemaal vol met allerlei sierraden en andere accessoires en hieraan zou je moeten kunnen zien wat de status van zo’n vrouw is. De vele, vele kinderen rennen alle kanten op, de geiten staan te mekkeren in de kraal (een omheind stuk midden in het dorp) en de chief doet zijn best om alles in goede banen te leiden. Een mooi tafereel alles bij elkaar, als je de gedachte verdringt, dat deze mensen dan wel een heel zwaar leven hebben in vergelijking met de rest van de moderne bevolking.

Namibië was tot 1920 een kolonie van Duitsland, daarna bleef het tot 1990 nog een provincie van Zuid-Afrika. Pas in dat jaar werd het onafhankelijk. Uit de tijden van kolonisatie en Zuid-Afrika zijn veel Europese invloeden in Namibië achtergebleven. Zo zie je er veel Duitstalige plaatsnamen, heeft elk dorpje wel zijn eigen “Bäckerei” met heerlijke “Brötchen” en is er vooral de Engelse taal en het Afrikaans die beide een belangrijke plaats innemen.

Het Afrikaans is zeer verwant aan het Nederlands en het is leuk om af en toe te praten met Namibiërs zonder dat we op het Engels over hoeven te gaan.

Ook zijn er nog veel Nederlandstalige (plaats)namen te vinden. Bij een van die plaatsjes stoppen we: Twyfelfontein. Een Nederlandse boer, die vanuit Zuid-Afrika naar deze plek was getrokken op zoek naar goede veegrond, vond een bron. Maar hij twijfelde eraan of deze bron wel voldoende water zou geven om een succesvol bedrijf op te bouwen. Hij besloot de gok te wagen en noemde de plek Twyfelfontein.  Helaas bleek het de verkeerde keuze en moest hij na 12 jaar ploeteren opgeven en vertrekken. Als ik zo rondkijk op deze plek dan snap ik ook niet dat er ooit hoop is geweest. Het enige wat je hier ziet zijn kale rotsen en zand of eigenlijk stof. Zoveel stof dat je neus, oren en ogen er dicht van gaan zitten. En het wrange voor de Nederlander is dat toeristen deze plek niet eens bezoeken om dit verhaal maar om de vele eeuwenoude rotstekeningen en gravures die hier gevonden zijn. 

Dit deel van het land heet Damaraland. Het is een streek waar de omstandigheden zó extreem zijn dat de dieren zich hebben moeten aanpassen. Zo spreekt men hier inmiddels over een derde soort olifant (naast de Afrikaanse en Indische): “the desert adapted elephant”. Deze soort heeft langere poten zodat hij sneller langere afstanden kan overbruggen, is kleiner en heeft daardoor minder voedsel nodig en kan langer zonder water.

Eenmaal aan de kust treffen we een grote kolonie zeeleeuwen aan. In de paartijd kunnen hier rond de 100.000 dieren op de rotsen en het zand liggen. Op het moment dat wij hier zijn wordt het aantal geschat op 50 tot 60.000. De kuststreek hier wordt de Skeleton Coast genoemd, omdat er zoveel skeletten van dode zeeleeuwen gevonden worden. Hoewel anderen de naam wijten aan het feit, dat hier in de loop der jaren nogal wat schepen zijn vergaan die als wrakken ofwel op de bodem van de zee of half vergaan voor de kust liggend nog te bewonderen zijn.

Na nog een bezoek aan het stadje Swakopmund (niet heel bijzonder) maken we het rondje af en keren terug naar Windhoek. Dit is het einde van tour 1 en ik kan een nachtje in een hotel bijkomen, voordat tour 2 start.

Deze eerste tour gezien:

wrattenzwijn

oryx (gemsbok)

impala

gnoe

koedoe

baviaan

springbok

dik dik (een kleine antilopesoort)

hyena

luipaard

cheetah

giraf

jakhals

olifant

eland antilope

leeuw

struisvogel

havik

witte neushoorn

zwarte neushoorn

eekhoorn

adelaar

en nog diverse andere kleine dieren en vogels

  

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑