Iets meer toerisme en daar moeten we aan wennen

Onze reis tot nu toe ging voornamelijk door gebied waar weinig toeristen komen. We hebben dat vooral gemerkt aan de aandacht die men voor ons had en waardoor we ons af en toe een beroemdheid voelden. Iedereen zei ons gedag, heette ons welkom in Iran en wilde vooral met ons op de foto.

Momenteel zitten we in een gebied waar het toerisme duidelijk al wat meer is toegenomen, al is het nog steeds niet heel veel. De afgelopen week hebben we een paar steden en historische plekken bezocht, waar je vooral vanuit Teheran redelijk snel kunt komen. Dat zal de verklaring zijn. De aandacht is minder maar gelukkig zijn de mensen nog steeds erg hartelijk. Een van die steden die we hebben bezocht is Qom, een van de twee heilige steden in Iran. In deze stad is het mausoleum van Fatima, een dochter van de 7e imam. Natuurlijk hoor ik tijdens deze reis veel over de islam en ik heb begrepen dat er, net als bij de christenen, 12 personen zijn die belangrijk zijn voor deze religie. Bij de christenen zijn dit de apostelen, bij de moslims zijn het de 12 imams. Zij zijn de directe afstammelingen van Mohamed. En daardoor zijn ook familieleden van deze imams belangrijk. Fatima’s vader was Imam Reza en deze ligt in de andere heilige stad, Mashhad begraven.

DSC05745

DSC05702

Fatima in Qom dus en we kunnen haar tombe bezoeken. Als we bij het enorme complex aankomen, moeten wij vrouwen nóg een stapje verder gaan: de chador. Het is wel een westerse variant, want er zit elastiek in zodat de doek beter om het hoofd blijft zitten en een lange rits, zodat hij niet kan openwaaien. Daar lopen we dan met meer dan 35⁰C hitte volledig ingepakt over het terrein. Het complex is wel schitterend en het wordt ook nu nog overal gerestaureerd. Het is er ook druk, vooral bij de waterkraantjes. Het water is heilig, dus iedereen verdringt zich rond de kraantjes om ook wat te drinken, hopend op een wonder. Plotseling hoor ik een luide stem iets omroepen en ik zie een begrafenisstoet(je) naderen. De dode ligt in doeken op een brancard, die door een stuk of 8 mannen wordt gedragen. Zo’n 5-6 meter erachter loopt een aantal huilende vrouwen. Bij de tombe van Fatima schoppen de mannen hun schoenen uit en lopen met de dode naar binnen. De vrouwen moeten buiten blijven! Hier maak ik vind ik toch wel het toppunt van de scheiding tussen mannen en vrouwen mee; je mag niet eens met je geliefde overledene naar de heilige plek binnen.

Deze gang van zaken is voor mij des te vreemder als ik zie hoe tolerant het huidige Iran met andersgelovigen om gaat. In Hamadan bijvoorbeeld bezoeken we een synagoge. En wel een, die nog wordt gebruikt.

In heel Iran leven nog zo’n 25.000 joden waarvan 5 gezinnen in Hamadan. Zij hebben een kleine synagoge tot hun beschikking en hier liggen ook twee voor hen belangrijke figuren begraven: Esther en Mordechai. Het verhaal zegt dat zij ervoor gezorgd hebben dat een aantal verbannen joden kon terugkeren naar Perzië. En er is ook nog een rabbi die ons toelichting geeft. Een ander voorbeeld is de Armeense kathedraal in Isfahan. In deze stad is een wijk waar nog vele Armenen leven en zij kunnen daar hun eigen kerkdiensten houden. Als we de synagoge in Hamadan uit lopen, krijgen we zomaar midden op straat limonade en hapjes aangeboden. Dit is ter ere van Mahdi, de 12e imam. Hij wordt ook de onbekende imam genoemd, want hij is ooit een keer in een grot verschenen, maar daarna verdwenen. Elk jaar wordt hij tijdens het Mahdi-feest herdacht en men hoopt natuurlijk dat hij nog eens terugkomt. Naast heel veel cultuur is er gelukkig ook tijd voor natuur.

zoutmeer in Mahajab-woestijn

Vanuit Kashan maken we een tocht door de woestijn, waarbij we mooie zandduinen beklimmen, een grote zoutvlakte zien en de ondergaande zon bewonderen vanaf de omgang van een oude karavanserai. De karavanserais waren voor de kamelenkaravanen wat de motels aan onze huidige snelwegen zijn. Elke 30-40 kilometer stond in de woestijn een karavanserai waar de handelaren konden uitrusten, slapen, eten en handelen. Er was ook een plekje voor hun kamelen. En dan toch weer geschiedenis: Darius de Grote is zo’n 2.500 jaar geleden een belangrijke heerser over het grote Perzische Rijk geweest en hij is degene die in de buurt van Shiraz een stad heeft laten bouwen: Persepolis.

Persepolis

De restanten van deze stad zijn voor een gedeelte opgegraven en nu te bezoeken. Natuurlijk zijn het vooral ruïnes die je ziet, maar op onderdelen is er nog opvallend veel goed bewaard gebleven. Zo zien we o.a. een griffin (een mythologische figuur met de poten van een leeuw en de kop van een adelaar), die o.a. gold als schatbewaarder en beschermer van de reizigers en er is een mooie muur langs een trap waarop figuren uit alle delen van het Perzische Rijk staan afgebeeld.

DSC05987

Zoals gezegd, Persepolis ligt in de buurt van Shiraz, waar ik nu ben. Een grote, stoffige stad waar het in deze tijd gemiddeld zo’n 35⁰C is. Dat betekent: in de ochtend wat plekken bezoeken, een lange siësta in de airconditioned kamer en aan het eind van de middag nog een poosje op stap. Nog even wat praktische zaken: inmiddels ben ik een kei in het oversteken van drukke verkeerswegen. Er zijn hier wel zebrapaden, maar niemand lijkt te weten waar die voor dienen. Dus in het begin stond ik een tijd langs de kant van de weg, hopende dat een auto zou afremmen om me te laten oversteken. Dat werkte dus niet. Nu loop ik voetje voor voetje de weg op en wonder boven wonder blijkt dan vanzelf op een gegeven moment een aanstormende auto af te remmen en me voor te laten gaan. Een ritje in een taxi is helemaal erg. Met 90 door de stad scheuren, auto’s die van links en rechts op je af komen en spookrijden op de linkerbaan om maar andere auto’s te kunnen passeren. Een tweebaansweg wordt op die manier vanzelf vierbaans etc. En afrekenen is ook inmiddels een koud kunstje geworden. In Iran is de officiële munteenheid de rial. Maar iedereen geeft je de prijs in toman, de oude muntsoort die een paar honderd jaar in Perzië/Iran gebruikt werd (o.a. ook door de VOC). Je moet de genoemde prijs vermenigvuldigen met 10 en dan kun je in rial betalen. Ten slotte nog: water. Dat is hier overal schaars. En dus worden er creatieve oplossingen gezocht. Zo zien we in Kashan dat men gebruik maakt van grote ondergrondse waterreservoirs waarin men vroeger water, dat vanaf de bergen kwam, opving en tegenwoordig vooral regenwater. Vanuit de reservoirs worden akkers bevloeid en de bevolking kan er water komen aftappen. In Isfahan regelt men het anders.

DSC06138

Daar wordt voor het grootste gedeelte van het jaar de door de stad stromende rivier drooggelegd d.m.v. een dam. Afhankelijk van de behoefte wordt de dam op sommige momenten opengezet, zodat de rivier volstroomt. Aangezien dat maar een paar keer per jaar gebeurt, is het groot feest als er water door de stad stroomt. Wij zijn precies op dat moment in Isfahan en hebben kunnen zien hoe mensen naar de rivier trekken met grote picknickmanden en Perzische tapijten (zoals een medereiziger opmerkte: “kijk, een Pers op een Pers”).

DSC06095

We zitten op 4.116 km van ruim 15.000 km totaal.

 

 

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑