Na de tempels op bezoek bij de indianen

Wereldreis 2014, Mexico – Guatemala – Honduras

koloniale straatjes

Terwijl ik dit schrijf is het in Nederland Tweede Paasdag. Dat kennen ze hier niet, Pasen is al voorbij. De bevolking hier (de afgelopen week heb ik voornamelijk rondgetoerd door Zuid-Mexico en nu zit ik in Guatemala) heeft echter al een hele week Pasen achter de rug (Semana Santa).

Na eerst Oaxacha en San Christóbal de las Casas te hebben bezocht, ook weer stadjes uit de Spaanse tijd, kwamen we in de gebieden van de oorspronkelijke bewoners: Zapotheken en Maya’s. Ook de tegenwoordige bevolking stamt nog steeds grotendeels af van deze twee Indianenstammen. En de mensen zijn trots op hun afkomst. Dus ook al zijn ze officieel katholiek, ook in deze paasweek houden ze hun eigen gebruiken in ere. Zo is er dus een combinatie ontstaan van katholieke en Indiaanse rituelen. Dat kon je b.v. zien in de kerk van een indianendorp (San Juan Chamula) waar ik was. In de kerk was geen altaar, kerkbank, stoel of zelfs priester te vinden. I.p.v. een priester hebben ze hun eigen religieuze leiders. De beelden van de heiligen hadden spiegels om om de boze geesten af te weren. En Judas was boven de ingang van de kerk opgeknoopt en zou op Goede Vrijdag verbrand worden.

religieuze leiders

Maar ze hadden wel een beeld van Jezus Christus in een glazen doodskist liggen met bergen offerandes, kaarsen en wierook erom heen. En de kerk was propvol, terwijl het op dat moment nog pas woensdag was. In een ander dorpje gingen we op zoek naar de god Maximóm, een lokale godheid die je wensen kan vervullen. Helaas, hij bleek te zijn verstopt i.v.m. het Paasfeest. Ze waren bang dat Jezus boos zou worden en hem iets zou aandoen na zijn wederopstanding met Pasen… We hadden deze week ook een paar lange reisdagen. De totale reis bestrijkt nl. een behoorlijk gebied en dan moet je soms veel kilometers afleggen. Op het smalste gedeelte van Mexico staat een heel groot windmolenpark. Men wil dit park nog verder uitbreiden en daar is veel protest tegen. En precies op het moment dat wij door dit gebied reisden, werd de belangrijkste doorgangsweg geblokkeerd door demonstranten. We konden nog net een zijweggetje nemen en hebben de lokale taxichauffeur ingehuurd. Die wist nl. een sluiproute. Het heeft ons een uur hobbelen over dirtroads gekost, maar toen waren we de blokkade weer voorbij. Later hoorden we dat vier bussen vol toeristen de hele nacht op de weg hebben stilgestaan.

lokale politie aan het werk (de witte hoeden)

Inmiddels waren we zó ver in het zuiden van Mexico aangekomen, dat we het fenomeen ‘autonome’ dorpen zagen. Er is een politieke beweging, de Zapatisten, die deze dorpen bestuurt. Of de indianen hebben zelf het heft in handen genomen. De regering in Mexico City zit zo ver weg, dat ze zich niets aantrekken van de officiële wetten. De dorpen hebben dan ook een eigen bestuurscollege, politie, rechtspraak etc.  De overheid grijpt hier alleen in als het uit de hand dreigt te lopen.
Het grootste gedeelte van deze reis tot nu toe gaat langs, over en in de Sierra Madre del Sur. Een lange bergketen die je eigenlijk kunt zien als schakel tussen de Rocky Mountains in de VS en de Andes in Zuid-Amerika. De natuur is hier heel anders dan b.v. in Costa Rica: droog en de berghellingen zijn niet bedekt met bomen, maar met cactussen.

cactusbomen

Mexico is natuurlijk het land van de cactussen, maar dat deze tot enorme bomen konden uitgroeien, wist ik niet. We krijgen ook te maken met grote verschillen in hoogtes. Dan weer zitten we op 500 meter hoog, de volgende dag op 2.200. Tijdens het rijden zaten we op een gegeven moment boven 3.000 meter en in de bus hoorden we bij iedereen de waterflessen knakken door de luchtdruk.

meer van Tatitlán

Heel Midden-Amerika is vergeven van de vulkanen, zo ook Mexico en Guatemala. Eergisteren konden we hier volop van genieten. We hebben heerlijk gevaren in en gewandeld langs het meer van Atlitlán. Een meer dat is ontstaan door een enorme vulkaanuitbarsting en dat nu dan ook wordt omringd door vier grote vulkanen.
Wat ik niet zo geweldig vind: de souvenirkraampjes in elk dorp/stadje waar we komen. Ik begin een soort allergie te ontwikkelen en probeer ze zoveel te mogelijk te ontwijken. Een aantal van mijn medereizigers vindt het echter prachtig, sommigen hebben al een tas als souvenir gekocht om de vele souvenirs te kunnen meenemen.

Nog even iets over het eten: zoals ik eerder al schreef vind ik het Mexicaanse eten heerlijk. Maar toen ik bij een biertje een schaaltje nootjes kreeg, heb ik die toch maar niet helemaal opgegeten. Er zaten nl. ook gebakken insecten tussen! En tomaten eten ze hier niet zo maar uit het vuistje. Ik stond op een markt een paar heerlijke tomaten op te peuzelen en werd binnen de kortste keren door een aantal indiaantjes omringd. Indiaantjes, want de mensen zijn hier zo klein, dat ze soms maar tot mijn schouder komen. Een van hen sprak een beetje Spaans (ze spreken hier voornamelijk hun eigen taal). En met mijn paar woorden Spaans kwamen we eruit: tomaten eet je niet zo, alleen maar in de sla of je drinkt het als tomatensap.

Op dit moment zit ik in Antigua, de oude hoofdstad van Guatemala toen het nog in Spaanse handen was. We hebben een dag ‘rust’ om bij te komen van al het reizen en ons voor te bereiden op wat komen gaat. Vanaf morgen rijden we nl. richting de jungle en dat betekent: vochtige warmte en malariamuggen. Wat is reizen toch leuk!

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑