
Een stad, hoog op het verlanglijstje en het moest er dus maar eens van komen. We hebben zin in een weekend weg en boeken een vlucht naar Venetië. De verwachtingen zijn hoog gespannen en vol ongeduld kijken we uit naar de aankomst. Maar, Venetië ligt op een propvol gebouwd, klein eilandje waarin ook nog eens de o zo beroemde canals liggen. Geen plek om met een vliegtuig te landen dus wordt het het nabijgelegen vliegveld Venetië-Treviso, vanwaar we de trein pakken naar Mestre. En dan moeten we nog een stukje met de bus voordat we eindelijk in Venetië zelf aankomen. Maar, het is de moeite waard en vanaf het eerste moment zijn we verliefd op deze stad. En wij prijzen onszelf gelukkig, want met de drukte valt het reuze mee. Eind november is zo te zien niet de meest populaire periode voor een bezoek. Én: het weer is ook nog eens prachtig. We hoeven dan ook geen gebruik te maken van de vele steigers, die overal nog liggen na de laatste overstromingen. Vol goede moed op zoek naar het hotel dan maar. Het adres is snel gevonden maar we zien op de plek waar we denken te gaan overnachten alleen een gebouw met dichtgetimmerde ramen. Dat ziet er niet goed uit. Beteuterd kijken we om ons heen. Wat nu? Gelukkig is dat moment maar van korte duur, want er komt iemand op ons af met de vraag: “Heeft u voor dit hotel gereserveerd?”. Dat hebben we! Het hotel blijkt voor een deel te zijn afgebrand tijdens renovatiewerkzaamheden en we krijgen het adres van een hotel niet ver hier vandaan waar we wél kunnen overnachten (zonder extra kosten). Hoe het oorspronkelijke hotel en de kamer er uitzagen hebben we natuurlijk nooit kunnen checken, maar het hotel waar we nu verblijven is in ieder geval prachtig. En ook nog eens gelegen aan het Canal Grande!

Nadat we ons hebben geïnstalleerd gaan we op verkenningstocht. En waren we bij aankomst al helemaal blij verrast, tijdens onze stadswandeling komen we voortdurend plekken tegen waar de oh’s en ah’s maar blijven komen. Wat een prachtige stad met haar grote en kleine kanalen, natuurlijk de gondels, maar ook de vele bruggetjes, smalle steegjes, mooie pleintjes en prachtige oude gebouwen. Tijdens ons meerdaagse bezoek, bekijken we natuurlijk de bekende trekpleisters: het San Marco-plein, de basiliek, het Doge-paleis, de Rialto-brug en Brug der Zuchten.

Deze laatste bijzondere naam is gebaseerd op het zuchten van de gevangenen, die vanuit het paleis door deze brug over het kanaal naar hun cel werden gebracht. We genieten echter ook van onze wandeling door het minder toeristische gedeelte waar het erg rustig is en je meer op het dagelijkse leven van de stad stuit.
Een gondelvaart is er niet van gekomen, maar het “ritje” met de watertaxi over de Canal Grande is ook zeer bijzonder. Zeker als er ook nog eens een ambulance-vaartuig met hoge snelheid en sirenes voorbij komt stuiven. Deze taxi is dan ook meteen het enige vervoermiddel dat we hier gebruiken, verder is alles alleen te voet bereikbaar. Maar het eiland is niet zo heel groot en je loopt dus ook zo naar alle mooie plekken.
Alles bij elkaar een prachtig weekend en zeker een stad waar ik nog wel eens naar terugkeer.

Plaats een reactie